Acht vragen en antwoorden over de kwestie ‘mastbeslag’

Het bestuur van de Sintrale Kommisje Skûtsjesilen heeft na afloop van de openingswedstrijd van het SKS kampioenschap 2017 besloten het Jouster Skûtsje 21 niet aftrekbare strafpunten op te leggen vanwege overtreding van het originaliteitsreglement. Daarbij is aangekondigd dat bij voortzetting of herhaling van de overtreding uitsluiting van de resterende wedstrijdenreeks zal volgen.

Bestuur, schipper en bemanning kunnen zich voorstellen dat er vragen leven over het hoe en waarom van deze kwestie. Een aantal vragen hebben wij op een rij gezet om aan de hand daarvan uitleg te geven.

1.Welke regel wordt overtreden?

Het SKS bestuur heeft geoordeeld dat het door Joure in de wedstrijd op Grou toegepaste  mastbeslag niet origineel is. De door Joure toegepaste ring (krans) is 22 centimeter hoog en hieraan is een hoannepoatsje (scharnierend oog) gelast, waaraan de seilsfal is bevestigd. Deze toepassing wordt door de Kommisje Amels (de adviescommissie van de SKS die de originaliteit bewaakt) als niet origineel gezien. Voor de ring (ook wel krans genoemd) op de hommerts (de 8-kantige verdikking bovenin de mast) moeten “de normale maatvoering en eisen” worden gehanteerd, zo heeft het SKS bestuur aan Joure geschreven.

In het Originaliteitsreglement (raadpleegbaar op de SKS website) is opgenomen:

“A2 – Algemene uitgangspunten

De volgende uitgangspunten worden gehanteerd:

1.Skûtsjes dienen origineel (in vergelijking met de vroegere beroepszeilvaart) te zijn, rekening houdend met de mogelijkheden van het wedstrijdzeilen en de vereisten van veiligheid.

2.Elke voorgenomen drooglegging c.q. hellingbeurt of restauratie of verandering aan een skûtsje, aan onderdelen van exterieur of interieur of aan de zeiluitrusting dient vroegtijdig minimaal 14 dagen vooraf door of namens de eigenarencommissie schriftelijk te worden gemeld aan de Kommisje Amels. Een restauratie, reparatie of verandering mag pas worden uitgevoerd nadat hier schriftelijk toestemming voor is verleend door de Kommisje Amels in overleg met het SKS bestuur.”

“M

2- Mast (zie ook R6 en S4)

… Het beslag bovenop de hommer moet enkelvoudig zijn, dubbel beslag is niet toegestaan (zie bladzijde 62 van ‘Skûtsjes – van trommelstok tot fingerling’). …

De maximale toegestane lengte van de mast (gemeten vanaf het dek tot bovenkant hommer) is 16.30 meter.”

“V

2- Veranderingen/vernieuwingen (zie ook M3 en S2)

… Voorgestelde veranderingen worden door de Kommisje Amels getoetst aan de bestaande voorschriften, de originaliteit en het skûtsje zelve.

Indien er hierover niets is vastgelegd of bekend is, wordt getoetst aan de andere skûtsjes bij voorkeur van dezelfde werf. Uitgangspunt voor de originaliteit is het boekje “Skûtsjes van trommelstok tot fingerling”. …”

In het SKS handboek is een bijlage opgenomen. Dit is een uittreksel van “Skûtsjes van trommelstok tot fingerling” uit 1985, geschreven door Albert van Akker. Daarin is opgenomen:

“5. Krâns: twee halve beugels, met houten (bedoeld is: bouten, red) aan elkaar verbonden en zodoende een ring vormend: aan deze krans zitten ogen gelast of gesmeed ter bevestiging van de wantdraden, zeilsval en halslijn.

121. Seilsfal: Het (-) loopt door een blok, bevestigd aan de krans in de top van de mast en wordt vervolgens met behulp van een slúting (harp) aan een oog op de gaffelbek vastgemaakt.”

Zowel in het Originaliteitsreglement als in het boekje “Skûtsjes van trommelstok tot fingerling” is niet beschreven wat de “normale maatvoering” van de ring (krans) op de hommer is. De Kommisje Amels heeft Joure in eerste instantie opgedragen een ring (krans) toe te passen in de oude situatie. Op vrijdag 4 augustus 2017 heeft de Kommisje Amels het voorstel gedaan om de ring (krans) aan te passen naar een maximale breedte van 14 centimeter met daarop een vast (dus niet scharnierend) oog bevestigd.

Joure is van mening dat de toegepaste ring (krans) in overeenstemming is met het Originaliteitsreglement en hetgeen daarover is geschreven in “Skûtsjes van trommelstok tot fingerling”. De toegepaste ring (krans) bestaat uit twee halve beugels, aan elkaar bevestigd door bouten met daarop een (scharnierend) oog gelast.

Joure is van mening dat het SKS bestuur niet heeft onderbouwd waarom de toegepaste ring (krans) niet origineel is. Bovendien moet conform het eerste algemene uitgangspunt originaliteit worden beoordeeld, rekening houdend met de mogelijkheden van wedstrijdzeilen en de vereisten van veiligheid. Joure heeft bij haar keuze voor dit mastbeslag de veiligheid voorrang gegeven. Dit wordt in antwoord op vraag 2 verder toegelicht.

2. Waarom is de voorgestelde krans van maximaal 14cm breed niet veilig?

Voor ieder skûtsje is krachtens de Formule 2016 berekend hoeveel vierkante meter zeil elk skûtsje mag voeren. Krachtens de regels over het silhouet mag het grootzeil minimaal 63,5% en maximaal 66,5% van het totaal aantal vierkante meters zijn. Kleiner mag niet, groter ook niet. Ook is de vorm (verhoudingen onder-, achter-, boven-, voorlijk en diagonaal) dwingend voorgeschreven. Daarnaast geldt dat de mast (tot aan bovenkant hommer) maximaal 16.30m mag zijn.

Deze set regels samen hebben voor Joure als gevolg dat er bovenin de mast te weinig ruimte is om het grootzeil te zetten. Het grootzeil is met de seilsfal via een blok bevestigd aan de ring (krans) op de hommer. Om zowel voor als aan de wind het grootzeil voldoende speling te geven, is er ruimte nodig tussen de bevestiging van de seilsfal aan de krans en de gaffelbek. Is die ruimte onvoldoende, dan worden de krachten op het materiaal te groot. De lengte van de seilsfal is dan te klein om de noodzakelijke draaiing van de gaffel om de mast mogelijk te maken. Er komen (bijvoorbeeld bij een klapgijp) hevige krachten op de bouten, sluitingen, het blok, de gaffelbek en de seilsfal te staan, waar deze niet tegen bestand zijn.

Een ring (krans) van 22cm met een scharnierend oog is minimaal nodig om voldoende ruimte te creëren tussen krans en gaffelbek. Dit volgt onder meer uit krachtberekeningen en extern deskundig advies. Joure heeft, om tegemoet te komen aan het originaliteitsstandpunt van de SKS,  de lengte al teruggebracht van 50cm boven de hommer (met vast oog) naar 22cm boven de hommer met scharnierend oog. Een kortere afstand met bovendien een vast oog is onveilig en daarmee onacceptabel.

3. Waarom is het nu, in 2017, een probleem en niet in voorgaande jaren?

Op 7 oktober 2016 heeft de SKS in haar Algemene Leden Vergadering nieuwe regels aangenomen over de zeilformule en het silhouet. Dit silhouet is in 2010 ingevoerd. Joure heeft tegen deze regels uit 2010 en 2016 gestemd, omdat zij voorzag dat het grootzeil dan niet meer zou passen. Het SKS bestuur heeft dit probleem in 2013 erkend en besloten Joure dispensatie te verlenen van het silhouet. Dit is bevestigd en goedgekeurd door de Algemene Leden Vergadering.

In de set nieuwe regels uit 2016 is besloten geen overgangsrecht of dispensatie mogelijk te maken. Alle grootzeilen van Joure (5 stuks) mogen daarom niet meer worden gevoerd. Joure en ook enkele andere skûtsjes hebben een nieuw grootzeil en een nieuwe mast moeten laten maken om aan de regels van de formule en het silhouet te voldoen.

4. Waarom heeft Joure haar situatie niet onder de aandacht gebracht bij het SKS bestuur?

Joure heeft sinds 2010 (de invoering van het silhouet) veelvuldig haar probleem bij de SKS aangekaart. Dit heeft zij gedaan in vergadering, gesprekken, brieven, telefoontjes en e-mails. Dit is onder meer de aanleiding geweest voor de dispensatie uit 2013 tot en met 2016.

Voorafgaand, tijdens en na de ALV van 7 oktober 2016 heeft Joure het SKS bestuur en de leden uitvoerig ingelicht over de grote beperkingen die de nieuwe regels met zich meebrengen. Zo is onder meer op 9 oktober 2016 (twee dagen na de vergadering) een uitgebreide e-mail met noodkreet aan de SKS gezonden. De SKS zegde toe nader onderzoek te laten verrichten en Joure moest afwachten. Eind december 2016 heeft de SKS Joure bericht dat aanpassing van de Formule 2016 geen optie is en dat Joure geadviseerd wordt binnen de bestaande mogelijkheden een oplossing te zoeken.

Dit bericht was enorm teleurstellend voor Joure. Zij heeft meteen een technische commissie opgericht, versterkt met externe deskundigheid en is in overleg gegaan met masten- en zeilmaker om binnen het geldende reglement deelname aan het SKS kampioenschap mogelijk te maken.

Joure heeft een nieuwe mast en grootzeil laten maken en dit vooraf conform het reglement gemeld bij de Kommisje Amels. Controle van de mast en het daarbij aanwezige beslag door de Kommisje Amels heeft plaatsgevonden in de week van 15 mei 2017. Per e-mail van 24 juni 2017 (bijna zes weken later) liet de Kommisje Amels weten dat het mastbeslag afwijkt van het vorige, dat dit gemeld had moeten worden en dat dit aangepast moet worden.

Nadien zijn partijen in gesprek met elkaar gegaan. Dit overleg heeft voortgeduurd tot en met de vrijdag voor aanvang van het SKS kampioenschap. Helaas hebben partijen geen overeenstemming bereikt.

5. Waarom kiest Joure niet voor een alternatieve oplossing, bijvoorbeeld in de trim van de mast?

Alternatieven in de vorm van een kleiner zeil of een zeil in andere vorm zijn niet toegestaan krachtens het reglement. Het grootzeil lager hijsen is niet mogelijk, omdat de giek nu al vlak boven de roef, bemanning en helmhout draait. Dan blijft als enig alternatief bestaan het voorover trimmen van de mast.

Uitgangspunt binnen de SKS en binnen de wereld van het wedstrijdzeilen in het algemeen is dat een schipper en zijn bemanning voldoende vrijheid moet hebben in het bepalen van de trim van zijn schip. Ieder skûtsje is anders (het is geen eenheidsklasse) en reageert dus ook anders. Het ene skûtsje kan snel zeilen met de mast zoveel als mogelijk rechtop, de ander is genoodzaakt de mast achterover te trimmen om zo hoogte en snelheid te behalen.

De Oeral Thús is een skûtsje waar trim van de mast essentieel is om resultaat te bereiken. Jarenlang zijn data verzameld om te bepalen welke trim het meeste oplevert. Met de nieuwe mast en het nieuwe grootzeil moesten we een nieuwe start maken. Toen we daarmee begonnen te zeilen, hebben we de mast eerst in een rechte stand geplaatst. Het skûtsje reageerde daar heel slecht op. Geen snelheid, geen hoogte en zeer moeilijk te sturen. We hebben vele trainingen  besteed aan de trim en uit de verzamelde data is gebleken dat de Oeral Thús alleen competitief mee kan zeilen als de mast achterover wordt getrimd. Doen we dat niet, dan leveren we fors in op hoogte, snelheid en stuurbaarheid. Dan zeilen we niet meer om ‘priis en eare’, maar uitsluitend om in de achterhoede te belanden.

De SKS werkt al jaren aan het dichter bij elkaar brengen van de skûtsjes, waarbij de schepen zoveel als mogelijk gelijke kansen hebben om te winnen. Zou Joure de mast recht op zetten, dan is de kans om te winnen of om in het linker rijtje mee te strijden uitgesloten. Dat mag niet de consequentie zijn van een reglementswijziging.

Joure zeilt mee in de SKS om op een eerlijke en sportieve wijze te strijden om de podiumplaatsen. Uitsluitend een interpretatieverschil over wat wel of niet origineel is, mag volgens haar er niet toe leiden dat zij niet of op achtergestelde wijze kan deelnemen.

6. Heeft Joure voordeel in het zeilen als het aangepaste mastbeslag wordt toegestaan?

Nee, zeiltechnisch levert de brede ring (krans) geen voordeel op. Het zeil kan hierdoor niet hoger gehezen worden. Deze oplossing functioneert uitsluitend om meer ruimte te creëren in de zeilsval, zodat de gaffelbek voldoende ruimte heeft om te draaien. Het is niet mogelijk om het zeil hoger te hijsen, omdat de hommer (de 8-kantige verdikking) dit fysiek onmogelijk maakt.

7. Waarom is Joure niet bereid het beslag aan te passen zoals de SKS dat voorschrijft?

Veiligheid staat voor schipper, bestuur en bemanning absoluut voorop. Zou de ring (krans) worden aangepast, dan is de veiligheid niet gegarandeerd. De schipper is op grond van het SKS wedstrijdreglement, maar ook op grond van landelijke wet- en regelgeving (onder meer het BPR) verantwoordelijk voor de veiligheid van zijn bemanning en anderen op het water. De schipper kan met de door het SKS bestuur voorgestelde aanpassing de veiligheid van zijn bemanning niet garanderen. Zou er persoonlijk letsel ontstaan, dan is de schipper persoonlijk aansprakelijk voor de schade. Ook is het mogelijk dat daar strafrechtelijke consequenties aan worden verbonden.

Onze schipper en bemanning doen aan skûtsjesilen omdat ze passie hebben voor het wedstrijdzeilen met historische schepen. Ze doen dit vrijwillig, het is een hobby. Veiligheid kan nimmer ter discussie worden gesteld. Het belang van originaliteit kent zijn grens als veiligheid in het geding komt. De kenbare risico’s zijn voor de schipper onaanvaardbaar en het bestuur van de eigenarenstichting ondersteunt hem hierin.

8. Hoe wordt bepaald wat origineel is?

In het Originaliteitsreglement zijn regels opgenomen om uit te werken wat als origineel wordt beschouwd. Dit reglement is niet volledig. Het is ook haast niet mogelijk om dit volledig te beschrijven. Daarom wordt in het reglement als uitgangspunt verwezen naar andere skûtsjes en naar het boekje “Skûtsjes van trommelstok tot fingerling”. Tegelijkertijd wordt de originaliteit begrensd door de mogelijkheden van wedstrijdzeilen (zoals vrijheid in de trim) en de vereisten van veiligheid.

De SKS skûtsjes wijken op meerdere punten af van de afbeeldingen van de skûtsjes, zoals die vroeger met vracht voeren. Dat kan ook niet anders. Op meerdere punten zijn ze niet meer origineel. Ook andere SKS skûtsjes voeren een mastbeslag, wat afwijkt van de afbeeldingen die in “Skûtsjes van trommelstok tot fingerling” zijn opgenomen. Aan die afwijkingen heeft het SKS bestuur geen sancties verbonden.

Joure onderschrijft het belang van originaliteit en daarbij de waarde van “Skûtsjes van trommelstok tot fingerling”. Tegelijkertijd realiseert zij zich dat skûtsjes in vele opzichten niet meer origineel zijn ten opzichte van de tijd dat ze functioneerden als vrachtschepen. Zo staan de masten op een heel andere plek, zijn de zeilen van dacron en zijn deze in oppervlak vele malen groter dan dat er vroeger ooit mee werd gevaren. Dat realiseerde de schrijver van “Skûtsjes van trommelstok tot fingerling”, Albert van Akker, zich ook maar al te goed toen hij het nawoord schreef:

“Mijn bedoeling is niet geweest alles tot in de finesses te beschrijven, want dan is het einde nog niet in zicht en komt het de overzichtelijkheid niet ten goede. Opzet is geweest een bijdrage te leveren, om de herinnering levend te houden aan een nog zo nabij verleden, toen overal in Friesland de schepen met hun grote lappen zeil een in het oog lopende verschijning waren.

Indien dit boekwerkje kan bijdragen tot een juister woordgebruik aan boord door de huidige generatie der skûtsjebemanningen, zal dit voor mij een grote voldoening betekenen. Want met ieders inspanning, van zowel enthousiaste bemanningen, commissies en sympathisanten kunnen we ervoor zorgen dat er skûtsjes blijven varen en dat de terminologie zuiver blijft voortbestaan, want…

Skûtsjesilen is myn nocht”

Het levend houden van een herinnering en het in stand houden van de terminologie is wezenlijk anders dan het integraal voorschrijven van dit boekwerkje met haar afbeeldingen als zijnde kracht van wet. Het boekje kan bijdragen om invulling te geven aan het begrip “originaliteit”, zij het dat dit begrip nader moet worden ingevuld en reglementair wordt begrensd door de mogelijkheden van wedstrijdzeilen, maar vooral ook de vereisten van veiligheid.

 



Originaliteit conflicteert met veiligheid

Tussen het Jouster Skûtsje en het SKS bestuur bestaat een conflict over de toepassing van het mastbeslag.

Dit conflict komt voort uit de originaliteitsregels van de SKS. Het Jouster Skûtsje stelt veiligheid voorop en kan daarom het genomen besluit van het SKS bestuur niet opvolgen.

Zou het Jouster Skûtsje het mastbeslag aanpassen, zoals het SKS bestuur voorschrijft, dan is de veiligheid van schipper, bemanning, maar ook van anderen op het water in het geding. Onvoldoende speelruimte tussen bevestiging van de zeilsval aan de mast en gaffelbek levert schade op aan de materialen. Dit met het gevolg dat tijdens het zeilen het grootzeil los kan komen en de giek zal zakken. Dit komt op de bemanning terecht, wat zwaar lichamelijk letsel tot gevolg kan hebben.

De schipper is verantwoordelijk voor zijn bemanning en anderen op het water. Het kenbare risico is voor schipper en bestuur van het Jouster Skûtsje niet aanvaardbaar. Reden waarom het Jouster Skûtsje, ondanks de afkeuring door het SKS bestuur, kiest voor een aangepast mastbeslag. Dit levert zeiltechnisch geen enkel voordeel op ten opzichte van de andere deelnemers. Voor deze constructie is uitsluitend gekozen vanuit het belang van veiligheid.

Bestuur en schipper van het Jouster Skûtsje onderschrijven originaliteit als kernwaarde binnen de SKS, maar dat vindt zijn grens als veiligheid in het geding komt.
Uitsluitend vanuit veiligheidsoverwegingen heeft het Jouster Skûtsje ervoor gekozen de zeilsval (de lijn waarmee het grootzeil is bevestigd aan de mast) hoger in de top van de mast te bevestigen dan binnen de SKS gebruikelijk is. Deze keuze is ingegeven door de vorig jaar nieuw aangenomen regels over de zeilformule in relatie tot het in 2010 ingevoerde silhouet.

Kort samengevat; het silhouet stelt regels aan het uiterlijk aanzien van het zeil, er zijn vaste verhoudingen voorgeschreven. Die vaste verhoudingen leverden al in 2010 een probleem op voor het Jouster Skûtsje. Daar is uitvoerig over gesproken en dit heeft geleid tot een besluit van de SKS om het Jouster Skûtsje dispensatie te verlenen van het verplicht voorgeschreven silhouet.

In het najaar van 2016 zijn nieuwe regels aangenomen, waarbij de tijdelijke dispensatie niet is voortgezet. De nieuwe formule in relatie tot het silhouet heeft het Jouster Skûtsje voor een probleem geplaatst. Met behoud van vrijheid in de trim is het niet mogelijk een grootzeil conform deze nieuwe regels te varen. Dit vloeit voort uit de beperking in de voorgeschreven masthoogte en de fysieke beperkingen van het schip zelf.

Om toch te kunnen deelnemen aan de SKS competitie conform de nieuwe regels van de formule en het silhouet heeft Joure een nieuwe mast laten maken. Deze mast heeft een aangepast mastbeslag ten opzichte van de vorige mast. Er is voldoende ruimte nodig tussen de gaffelbek, waaraan het grootzeil is bevestigd, en het bevestigingspunt op de mast om veilig en verantwoord te kunnen wedstrijd zeilen.

Het SKS bestuur heeft besloten dat dit aangepaste mastbeslag niet origineel is. Het is daarom niet toegestaan krachtens de regels van de SKS. Het bevestigingspunt van de zeilsval is te hoog.
In de weken voor aanvang van dit kampioenschap is uitvoerig overlegd tussen SKS bestuur en het Jouster Skûtsje. Om tegemoet te komen aan het belang van originaliteit heeft Joure een alternatief aangedragen, in de vorm van een brede ring op de hommert. Ten opzichte van de eerder toegepaste constructie is het bevestigingspunt 30 centimeter verlaagd. Ook dit alternatief is aangemerkt als niet origineel en daarom afgekeurd.

Net zoals het SKS bestuur vindt het Jouster Skûtsje originaliteit belangrijk. Dit weegt echter niet op tegen de veiligheid van schipper en bemanning.



Stichting Skûtsje Haskerlân

In 2015 werd het Jouster skûtsje voor het eerst Kampioen.